In het donker

Ik voel het vocht langs de muren druipen. Het is koud. Mijn hand glijdt langs de muren die ik niet zie en voelt de oneffenheden van de glibberige stenen. Het eelt op mijn vingers zorgt voor een zacht schurend geluid.

Ik durf niet naar de andere kant te reiken, bang voor de oneindigheid van mijn cel. Wat is er aan de overkant? 

Ik kan niet naar opzij, de ijzeren greep waarin ik letterlijk zit, houdt me tegen. 

Ik blijf voelen om het hier en nu niet te verliezen. Ik moet bij zinnen blijven, niet schreeuwen en blijven staan.

Hoelang ben ik hier nu? Het donker laat me alle besef van tijd verliezen. Ze moeten me toch een keer vrijlaten? Vroeger of later komen ze erachter dat ik echt onschuldig ben.

Vroeger of later…

Ik hoor kleine druppeltjes op de vloer vallen. Regent het? Is het mijn angst die condenseert in de ruimte? Blijft helder, blijf alert…

Er kraakt iets…

Een zucht…

Mijn gehuil, de kracht van mijn ketenen, mijn hulpgeroep.

Wie helpt mij?

 

Tekst: Susanna Florie van Leesssst

 

Zoeken

  • Laatste wijziging: 27 mei 2022.